Bevindingen ijsbergrekenen in het derde leerjaar

Door Christophe Heyndrickx


Getallen



Hoeveelheden (tellen concreet materiaal, MAB, ...)

Bij schijfjes gebruikte ik kroonkurken. Positie is bepalend voor de waarde, niet de kleur.



We baseerden ons op wat onze collega’s in 2de leerjaar deden , herhaalden dit om dan verder uit te breiden tot 1000.

De leerlingen kenden de strategie van 2de leerjaar nog waardoor het uitbreiden tot 1000 opvallend vlot verliep. Veel minder fouten mbt inversie (85 ipv 58) wat bij ons publiek (*) meestal een veelvoorkomend probleem is.

(*) 98% van onze leerlingen hebben migratie-achtergrond, +/- 75% spreekt thuis nooit NL

Splitsen en samenvoegen (H,T,E)

Wat hier ook opvallend was dat er veel minder fouten gemaakt werden als de waarden door elkaar gegeven werden (7T + 5H + 6E = 576 en niet 756). Ze zijn zich meer bewust van de waarde en positie.

Kralenketting, getallenassen, getallenrijen

De kralenketting werd samengesteld met de klas (100 + 100 + 100, …) Kinderen moesten getallen kunnen plaatsen op de kralenketting en omgekeerd. Nadien werden stukken uit de getallenrij genomen om aan te vullen.



Ook hier werden opvallend minder fouten gemaakt dan de vorige jaren. Wat ze wel soms moeilijk vonden was terugtellen op de kralenketting om de waarde van een getal te bepalen (zie laatste oefening). De lln hebben veel meer inzicht in de getallenrij.

Sprongen

Terwijl dit anders elk jaar een hekel punt is waar veel fouten bij gemaakt worden, viel dit bij Ijsbergtechniek heel goed mee. Zelfs bij sprongen van 3 verliep dit vrij vlot. AL moet gezegd worden dat heel zwakke rekenaars er moeite blijven mee hebben.

Woordenschat : MEER/MINDER/net voor/net na / ….

Dit blijft een zwak punt, mogelijks door zwakke kennis van onze taal van de leerlingen. Het heeft volgens mij meer met taal dan rekenen te maken.

Afronden tot op T of H (258 => 260 / 300)

Daar de kinderen meer inzicht hebben in de getallenrij , verliep dit beter dan andere jaren , al blijft het toch een moeilijk iets voor bepaalde leerlingen.

Sommigen weten niet wat T of H inhoudt in dit geval ,dus moest ik regelmatig ingrijpen (als je afrondt naar T ,heb je een 0 achteraan, rond je af naar H moet je 00 hebben). Al lijkt het me ook mogelijk dat het woord afronden een moeilijk begrip is.

Ordenen (groter, kleiner, ...)

Verliep uitermate vlot. Bijna geen enkel kind maakte hier fouten tegen, tenzij ze niet goed naar de tekens gekeken hadden (van groot naar klein is niet hetzelfde als van klein naar groot).

Algemeen:



In het begin was ik een coole minnaar van ijsbergrekenen maar ik kan alleen maar vaststellen dat er betere resultaten zijn door gebruik van de ijsbergdidactiek.


groetjes,

Christophe Heyndrickx






Lees volgend artikel: Ijsbergrekenen voor ongeduldige leerkrachten

Lees vorig artikel: Automatiseren kan je leren

Terug naar blogoverzicht




Copyright © 2021 Bart Libert